Tove groeit na de Eerste Wereldoorlog op in een arbeiderswijk in Kopenhagen waar werkloosheid en armoede heersen. Ze heeft weinig vriendinnen, vult haar poesiealbum met zelfgeschreven gedichten en hunkert naar acceptatie.
Titel
Kindertijd
Auteur
Tove Ditlevsen 1917-1976
Vertaler
Lammie Post-Oostenbrink
Taal
Nederlands
Oorspr. taal
Deens
Oorspr. titel
Barndom
Uitgever
[Amsterdam]: Das Mag Uitgevers, 2021 | Andere uitgaves
143 p.
ISBN
9789493168367 (paperback)

Besprekingen

Schrijven als uitweg

In het mooie, bitterzoete Kindertijd beschrijft Tove Ditlevsen (1917-1976) hoe ze in de jaren 20 opgroeit in een volkswijk in Kopenhagen, bij een werkloze vader, een verbitterde moeder en een oudere broer. Maar na een kindertijd die 'lang en smal' is 'als een doodskist' vergaat het haar niet veel beter. 'Zelfs je jeugd is tijdelijk, broos en vergankelijk. Je moet erdoorheen, want verder heeft het geen nut', klinkt het in Jeugd.

De jonge Ditlevsen, die ondanks haar intelligentie op veertienjarige leeftijd moest stoppen met school omdat er geen geld is voor verdere studies, heeft verschillende baantjes, het ene nog ellendiger dan het andere. Maar haar literaire ambitie woedt onverminderd verder. 'Terwijl ik de trap van het achterhuis op loop, bekruipt me de angst dat ik nooit zal ontkomen aan de plek waar ik ben geboren. (…) Zolang ik hier woon ben ik veroordeeld tot eenzaamheid en anonimiteit.'

Buitenstaander

De uitweg ziet Ditlevsen in mannen. In de hoop…Lees verder

Een kindertijd als een doodskist

Tove Ditlevsens eerste deel van de trilogie over haar leven is een portret van de schrijfster als jong meisje, doordrenkt in melancholie.

's Ochtends was er hoop. Die zat als een vluchtige lichtglimp op mijn moeders zwarte, gladde haar, dat ik nooit durfde aan te raken, en lag op mijn tong samen met de suiker op de lauwwarme havermout.' Zo opent Tove Ditlevsen haar mooie bitterzoete boek Kindertijd. Ze vangt aan met hoop, want aan het begin van de dag zijn er nog mogelijkheden, net zoals een kindertijd nog de potentie in zich draagt om uit te groeien tot een schitterend bestaan.

Kindertijd is het eerste deel van de Kopenhagen-trilogie die de Deense schrijfster Tove Ditlevsen (1917-1976) eind jaren 60 schreef. Ze maakte zich los uit de volkswijk van haar jeugd en werd snel beroemd, maar toch paste ze niet in de literaire kringen. Als huisvrouw uit de arbeidersklasse met vier gestrande huwelijken, drie kinderen en een drugsverslaving bleef ze de eeuwige buitenstaander. Nu wordt ze wereldwijd herontdekt en gefêteerd als een van de grote literaire sterren van Denemarken - Patti Smith raadde de trilogie onlan…Lees verder

'Kindertijd' is deel 1 uit Ditlevsens Kopenhagen-trilogie. Ze schreef het in 1967 toen zij wegens alcoholverslaving in een kliniek terechtkwam. De vertalingen van deel 2 ('Jeugd') en 3 ('Afhankelijkheid') worden later dit jaar verwacht. Ditlevsen (1917-1976) beschrijft hoe ze na de Eerste Wereldoorlog opgroeit in een Kopenhaagse volkswijk waar werkloosheid en armoede heersen. Het gezin woont in een klein achterappartement. Vader is werkloos, maar hij drinkt niet en leest boeken. Moeder, een schijnbaar opgewekte huisvrouw, heeft er geen idee van dat ze het buitenbeentje Tove emotioneel en mentaal verwaarloost. De moeder-dochterrelatie is problematisch. Toves oudere broer Edvin leeft in zijn eigen jongenswereld. Tove heeft weinig vriendinnen, haar poesiealbum vult ze in het geheim met zelfgeschreven gedichten, die uitstijgen boven het niveau van de volksliederen de ze leert op school en de sociaal-democratische hymnen van haar vader. Ze hunkert naar acceptatie. Door een tekort aan vrien…Lees verder

Buitenbeentje in kille kringen

In haar in 1967 gepubliceerde driedelige autobiografie beziet Tove Ditlevsen scherp en eerlijk het eigen leven. Het eerste deel 'Kindertijd' is nu vertaald.

"Je kindertijd is lang en smal als een doodskist en je kunt er niet zonder hulp aan ontsnappen", constateert Tove Ditlevsen cynisch in het zojuist in het Nederlands verschenen, autobiografische 'Kinder- tijd'. De schrijfster groeide op in de naoorlogse jaren twintig in een tweekamerappartement in een woonkazerne in de Kopenhaagse wijk Vesterbro. Het is een harde omgeving: de buren uit het blok maken voortdurend ruzie, drinken en gaan vreemd. Velen zijn werkloos, armoede is alomtegenwoordig. Als Tove's vader, een stoker met socialistische overtuigingen, werkloos wordt, moet het gezin overleven op oud brood. "We leden nooit zoveel honger, onze buiken waren altijd wel gevuld met het een of ander, maar ik leerde de halfhonger kennen die je voelt als je de geur van avondeten ruikt door de deuren van degenen die het beter hebben, als je dagenlang hebt geleefd op koffie en oude deegwaar, waar je voor vijfentwintig øre een hele schooltas vol van kreeg."

Tove is van kindsbeen …Lees verder

Over Tove Ditlevsen

Tove Irma Margit Ditlevsen (Kopenhagen, 14 december 1917 - aldaar, 7 maart 1976) was een Deense schrijfster en dichteres. Van haar literaire proza verschenen in 2020 voor het eerst vertalingen in het Nederlands, van de autobiografische Kopenhagen-trilogie uit 1967-1971: Kindertijd, Jeugd en Afhankelijkheid.

Levensloop

Kindertijd

Ze groeide op in de toen verpauperde Kopenhaagse wijk Vesterbro, op de vierde verdieping van een achterhuis aan de Hedebygade, die model kwam te staan voor Barndommes gade (Straat van de kindertijd). Het was een wijk met hoge werkloosheid en armoede, getekend door de wereldwijde economische crisis van de jaren 1930. In Vesterbro is een plein naar haar genoemd: Tove Ditlevsens Plads.

Haar ouders waren Kirstine Alfrida Mundus (1890-1965) en Ditlev Nielsen Ditlevsen (1880-1972). Haar vader werd als fabrieksarbeider ontslagen toen ze zeven jaar oud w…Lees verder op Wikipedia