Details
[28] p. : ill.
Besprekingen
NBD Biblion
Pluizer
Een visser gaat dag na dag steeds opnieuw vissen. Gewoon omdat hij een visser is. Iedere keer wil hij meer en meer, groter en groter. Hij wil immers de allergrootste vis van de oceaan vangen. Nooit is hij tevreden. Telkens is er iets mis met de vis: te klein, te glad, te nat, te stom ... Hij zal nog verder de oceaan moeten opvaren. Maar dan komt hij in een storm terecht. Hij valt uit zijn boot, recht naar beneden en komt plotseling oog in oog te staan met een vreemd dier, Manati de zeekoe. Heeft hij eindelijk de grootste vis gevangen? Hij volgt Manati mee met de stroom. Manati verandert. Is dit reusachtige dier nu een koe, of een vis? Is dit een droom of werkelijkheid? Manati vraagt de visser waarom het voor hem belangrijk is om de grootste vis te vangen. Dat doet de visser nadenken over wat hij eigenlijk wil. Maar hij weet het zelf niet. Hij wou steeds meer. Hij had zelfs geen plezier meer in het vissen. Wil hij wel nog een visser zijn?
In dit filosofisch boek gaat de auteur op zoek naar plezier vinden in het leven. De verzorgde illustraties beperken zich tot blauw, wit en geel. Ze passen in de sfeer van het verhaal dat zich afspeelt in en rond de zee. De visser is heel herkenbaar met z'n visserslaarzen, z'n pijp, z'n baard. Je ontdekt leuke details (een meeuw met een vis in haar bek, de vishaak in de broek van de visser). De gedachten van de visser zijn steeds in lichtblauw gedrukt. Manati's gedachten in geel. Het verhaal kan een gesprek openen met kinderen. Je kan in het leven steeds meer willen, maar je moet leren tevreden zijn. Dit is een zwaar thema voor jonge kinderen. Je kan dit boek voorlezen, maar kleuters zullen de boodschap niet altijd begrijpen. Het boek begint en eindigt met een gedicht. Dit geeft al direct de sfeer weer, waarin je dit boek kan lezen. Het is een poëtisch verhaal dat je telkens nieuwe inzichten zal geven.